Van laadpaal naar complete energie-infrastructuur

Oegema-20240131-7

Je eerste elektrische vrachtwagens zijn besteld. Dan moeten er natuurlijk ook laadpunten komen. Maar wie zijn laadinfrastructuur alleen op die eerste voertuigen afstemt, kan zichzelf over een paar jaar behoorlijk in de weg zitten. Want een laadplein voor drie trucks is iets heel anders dan een energie-infrastructuur voor twintig of tachtig voertuigen. Hoe zorg je dat je vandaag de juiste keuzes maakt, zonder meteen te investeren in alles wat je over tien jaar nodig hebt?

De grootste misvatting: elektrificeren begint bij de laadpaal

Voorheen was de energievoorziening van een transportbedrijf relatief overzichtelijk. Je had een dieseltank of tankte onderweg, kende ongeveer je brandstofkosten per kilometer en kon op basis daarvan je transporttarieven bepalen.

Bij elektrisch transport werkt dat anders. De kosten en beschikbaarheid van energie hangen ineens af van een hele reeks factoren: de capaciteit van je netaansluiting, het laadvermogen, de momenten waarop voertuigen beschikbaar zijn om te laden en de manier waarop je energie inkoopt, opslaat en verdeelt.

Daar komen mogelijk zonnepanelen, batterijopslag en slimme energiesturing bij. De laadpaal is daarmee slechts één onderdeel van een veel groter systeem. "Het gaat niet alleen om een laadpaal, maar om de complete energie-infrastructuur", benadrukt Henri Overbeek, laadinfrastructuur consultant, tijdens een webinar van iwell over de elektrificatie van transport. En precies daar gaat het in de praktijk regelmatig mis.

Waarom losse investeringen niet altijd samenwerken

Een transportbedrijf begint bijvoorbeeld met twee elektrische vrachtwagens en schaft daarvoor twee laadpunten aan. Een jaar later komen er vier voertuigen bij. De bestaande aansluiting blijkt onvoldoende capaciteit te hebben, dus wordt er gekeken naar een batterij. Vervolgens komen er zonnepanelen op het dak en ontstaat de behoefte aan software om alle energiestromen aan te sturen. Op papier zijn het stuk voor stuk logische investeringen.

Maar zijn de laadpunten geschikt om samen te werken met de batterij? Kan de software de verschillende systemen aansturen? Is de elektrische installatie voorbereid op verdere uitbreiding? Wanneer die vragen pas achteraf worden gesteld, kunnen kostbare aanpassingen nodig zijn.

Een goed ontworpen energie-infrastructuur begint daarom bij de samenwerking tussen alle onderdelen. Van netaansluiting, transformator en bekabeling tot laadpunten, batterijopslag en energiemanagementsoftware. Die onderdelen moeten ook geschikt zijn voor de volgende stappen in de elektrificatie.

Drie pijlers voor een goed laadplein

Volgens Henri Overbeek moet het ontwerp van een laadplein altijd op drie pijlers worden gebaseerd.

1. Kosten: wat kost iedere geladen kilowattuur?

De prijs van een elektrische vrachtwagen is slechts één onderdeel van de investering. De kosten van het laden bepalen voor een belangrijk deel hoe concurrerend je uiteindelijk kunt rijden. Tijdens het webinar noemt Overbeek indicatieve laadkosten van €0,20 tot €0,30 per kWh op een goed geoptimaliseerd eigen depot. Bij publiek snelladen langs de snelweg kunnen die volgens zijn voorbeelden oplopen tot €0,40 à €0,80 per kWh.

Dat verschil werkt rechtstreeks door in de kostprijs van transport. Maar goedkoop laden betekent niet automatisch dat je voor de goedkoopste hardware moet kiezen. Een systeem met lagere aanschafkosten kan op langere termijn juist duurder uitvallen wanneer het minder efficiënt werkt of moeilijk uit te breiden is.

2. Betrouwbaarheid: zijn je trucks op tijd geladen?

Een lage laadprijs is weinig waard wanneer je voertuigen 's ochtends niet kunnen vertrekken. Stel dat je honderd elektrische vrachtwagens hebt en vijftien daarvan onvoldoende geladen zijn. Dan heb je niet alleen een technisch probleem, maar vooral een operationeel probleem. Ritten moeten worden aangepast, klanten wachten op leveringen en de planning komt onder druk te staan.

Daarom moet de energie-infrastructuur efficiënt en vooral betrouwbaar zijn. Dat vraagt om goede hardware, stabiele communicatie tussen systemen en een aansturing die rekening houdt met de laadbehoefte van het wagenpark.

3. Flexibiliteit: kan je operatie veranderen?

Geen transportdag is hetzelfde. Een voertuig komt later terug dan gepland. Een klant vraagt om een extra rit. Of een vrachtwagen moet onverwacht eerder vertrekken. Je laadinfrastructuur moet daarop kunnen reageren. Dat betekent dat het systeem naast vaste laadplanning moet kunnen uitvoeren, ook moet kunnen omgaan met veranderingen in de dagelijkse operatie.

Hoeveel flexibiliteit je nodig hebt, hangt af van je bedrijf. Een transporteur met vaste routes en lange stilstandtijden heeft een ander energiesysteem nodig dan een vervoerder met wisselende ritten en korte laadvensters. Meer flexibiliteit vraagt soms om extra vermogen of opslagcapaciteit. Dat kan essentieel zijn voor de betrouwbaarheid van je dienstverlening.

Waarom je nu al over je toekomstige wagenpark moet nadenken

Een laadpaal plaatsen is niet hetzelfde als je depot klaarstomen voor elektrisch transport.

Stel dat je vandaag drie elektrische trucks hebt en verwacht over tien jaar grotendeels elektrisch te rijden. Dan is het verleidelijk om eerst een laadplein voor die drie voertuigen te realiseren en later verder te kijken. Maar sommige investeringen zijn achteraf lastig of duur aan te passen.

Denk aan de ligging en capaciteit van ondergrondse kabels, de ruimte voor een transformator, de inrichting van het terrein en de keuze voor een softwaresysteem dat tientallen laadpunten moet kunnen beheren. Daarom is het verstandig om eerst een langetermijnbeeld te ontwikkelen. Niet omdat je vandaag al alle laadpunten of batterijen moet aanschaffen. Juist niet. Het doel is om te bepalen welke keuzes je nu moet maken om later zonder onnodige aanpassingen te kunnen uitbreiden.

Dat kan betekenen dat je vandaag alvast extra mantelbuizen aanlegt, ruimte reserveert voor een batterij of kiest voor een systeem dat eenvoudig met nieuwe laadpunten kan worden uitgebreid. De investering kan dan gefaseerd plaatsvinden, terwijl de infrastructuur vanaf het begin op groei is voorbereid.

Slim energiemanagement verbindt alle onderdelen

Wanneer meerdere energiebronnen en verbruikers samenkomen, wordt de aansturing steeds belangrijker.  Een Energy Management System (EMS) zorgt ervoor dat de beschikbare energie slim over de locatie wordt verdeeld. Het systeem houdt rekening met de netcapaciteit, het elektriciteitsverbruik van het bedrijf, de beschikbare zonne-energie, de batterij en de laadbehoefte van de voertuigen.

Zo kan bijvoorbeeld overdag energie worden opgeslagen om die later voor het laden van trucks te gebruiken. Of kan het laadvermogen worden verdeeld over meerdere voertuigen, zodat de netaansluiting niet wordt overschreden. Daarbij draait het om de laagste energiekosten en de trucks moeten voldoende geladen zijn wanneer ze vertrekken. Die operationele zekerheid blijft altijd het uitgangspunt.

Een toekomstbestendig laadplein begint met een plan

Elektrificatie vraagt om andere investeringsbeslissingen dan transportbedrijven gewend zijn. Niet langer draait het alleen om het voertuig en de brandstofprijs, maar om een compleet energiesysteem dat moet aansluiten op de dagelijkse operatie. De belangrijkste stap is daarom het inzichtelijk maken van de huidige en toekomstige energiebehoefte.

Hoeveel voertuigen wil je laden? Wanneer staan ze stil? Hoeveel vermogen is beschikbaar? En hoe ontwikkelt je bedrijf zich de komende jaren?
Wie die vragen vooraf beantwoordt, kan zijn energie-infrastructuur stap voor stap uitbreiden zonder bij iedere nieuwe elektrische truck opnieuw te moeten beginnen.

Bij iwell helpen we transportbedrijven om batterijopslag, laadpunten, zonne-energie en slimme energiesturing als één geïntegreerd systeem te laten samenwerken. Met als doel: zoveel mogelijk voertuigen betrouwbaar en betaalbaar laden binnen de beschikbare energiecapaciteit.

Lees hier verder of neem contact op met Berend.

SHARE

Doe de quick scan

Beantwoord een paar korte vragen en ontdek hoe we jouw energievraagstuk kunnen omzetten in een businesscase.

Doe de quick scan
Example Image